Scholekster steekt een straat over.

Maak van de scholekster een geluksvogel op jouw bedrijventerrein

Werklandschappen van de Toekomst 31 augustus 2026

Te-piet, te-piet! Het is het kenmerkende geluid van een zwart-witte vogel met rode ogen en een lange oranjerode snavel: de scholekster. Misschien heb je ’m weleens gezien aan de kust of in een weiland. Maar steeds vaker is hij te vinden in… de stad! Inmiddels broedt zo’n twintig procent van de Nederlandse scholeksterparen in stedelijk gebied.

Onderzoekers vermoeden dat daken voordelen bieden ten opzichte van het boerenland en de kust, maar waarom scholeksters er steeds vaker broeden en hoe succesvol ze er zijn, wordt nog volop onderzocht. We vragen het aan Roos de Vries, biologe bij Vogelbescherming Nederland.

Eén ding wordt al snel duidelijk: de scholekster kan onze hulp goed gebruiken. Al sinds de jaren tachtig neemt de Nederlandse populatie af, met gemiddeld enkele procenten per jaar. En juist wij kunnen iets voor deze vogel betekenen. ‘Ongeveer dertig procent van de Europese populatie broedt en overwintert hier in Nederland’, vertelt Roos. ‘Dus wij hebben daar ook echt wel een verantwoordelijkheid in.’ En daarvoor hoef je soms niet verder te kijken dan je eigen dak.

Tekst: Suzanne Dijk

 

Dan maar het dak op

De scholekster is met recht een pechvogel te noemen. Maar opgeven? Dat doet hij niet zomaar. ‘Wat ik zo mooi vind aan de scholekster, is dat het een vogel is die het moeilijk heeft, maar toch weer op zoek gaat naar manieren waarop het wél kan’, vertelt Roos.

Dat aanpassingsvermogen zie je terug in de stad. Terwijl de scholekster het in het boerenland en langs de kust moeilijk heeft, broedt hij steeds vaker op onze daken. Een slimme zet, zo lijkt het. Want veel predatoren kunnen daar minder makkelijk bij, vertelt Roos.

In eerste instantie klinkt dat ideaal. Maar op het dak wachten weer andere uitdagingen. De kuikens kunnen nog niet zelf voor hun eten zorgen, dus vader en moeder vliegen af en aan. Rustig in het nest wachten? Dat doen ze niet. ‘Op het moment dat de kuikens uit de eieren komen, sprinten ze meteen weg’, vertelt Roos. Hoe kwetsbaar ze dan zijn, zien we even later op een videofragment dat ze ons laat zien: een ekster grist zo een kuikentje van het dak.

Maar een hongerige ekster is niet het voornaamste gevaar. Op warme dagen kan het dak bloedheet worden en open regenpijpen zijn verraderlijk voor kuikens. En dan is er nog de dakrand. Springt een kuiken naar beneden, dan maakt het nogal uit waar het terechtkomt. ‘Als het tegels zijn, loopt het vaak slecht af’

Scholekster steekt een straat over.

Hoe ziet zo’n ‘scholeksterparadijs’ eruit?

We zijn inmiddels wel benieuwd hoe zo’n nest er dan uitziet. Als we alle uitdagingen zo horen, verwachten we eerlijk gezegd een behoorlijk groen en goed ingericht dak. Maar Roos laat ons iets heel anders zien. Op een groot, verder vrij kaal dak ligt een bijna minuscuul stukje schelpenzand. En precies daar zit een scholekster te broeden. ‘Alleen al zo’n klein stukje. Daar kan het al mee’, vertelt ze trots.

Veel heeft de scholekster dus niet nodig om een nest te maken. Maar een goede broedplek is nog geen garantie dat de kuikens het redden. Beschutting tegen hitte en gevaar helpt bijvoorbeeld. Ook een hogere dakrand kan ervoor zorgen dat de jongen langer boven blijven, want op de grond schuilen weer andere gevaren. Daarnaast lijkt het aanbod van “gazonnetjes” met kort gras in de nabije omgeving van groot belang. De jongen zijn afhankelijk van het voedsel dat hun ouders vinden en brengen. Hoe dichterbij deze voedselmogelijkheden zijn, hoe vaker ze hun kroost kunnen voeden.

Juist bedrijventerreinen kunnen hierin een rol spelen. Een combinatie van groenstroken, gazons, struiken en rustige plekken biedt voedsel én beschutting dicht bij het nest. Hoe het ideale ‘scholeksterparadijs’ er precies uitziet, weet ook Vogelbescherming nog niet. Daarom wil de organisatie verschillende soorten daken onderzoeken en daarbij ook kijken naar het voedselaanbod in de omgeving.

Scholekster met jonkies op een dak

Maar waarom zou je een scholekster op je dak willen?

Leuk, zo’n nest op je bedrijfsdak. Maar waarom zou je er als bedrijf eigenlijk moeite voor doen? Het antwoord van Roos gaat al snel niet meer alleen over de scholekster. ‘Een vogel komt daar alleen als de omstandigheden goed zijn. Dus er moet voedsel zijn, het moet veilig zijn’, zegt ze. Vogels zijn volgens haar daarmee een mooie graadmeter voor hoe een omgeving ervoor staat.

Een bedrijventerrein is bovendien niet alleen een plek voor bedrijven. Er werken mensen, er komen bezoekers en ook zij hebben baat bij een gezonde leefomgeving. ‘Je hebt allemaal werknemers, je hebt daar bezoekers die langskomen, je wil iets moois uitstralen’, zegt Roos.

En, niet onbelangrijk: zo’n scholeksterfamilie op je dak is gewoon leuk. ‘Wat is er dan schattiger dan dat jij op jouw dak als bedrijf gewoon een paartje scholeksters hebt zitten met jongen?’, zegt Roos. Ze ziet meteen mogelijkheden om medewerkers erbij te betrekken: ‘Als je een paartje op je dak hebt, kun je met een livestream het scholekster gezin te volgen.’

Scholekster eieren op een dak

Gezien? Meld ’m!

Zie je scholeksters in de buurt of zelfs op je dak? Dan kun je ze met een paar relatief simpele maatregelen helpen:

  • Verstoor een nest niet. Scholeksters zijn beschermd, dus voorkom werkzaamheden bij het nest tijdens het broedseizoen.
  • Dek open regenpijpen af met bijvoorbeeld een stukje kippengaas, zodat kuikens er niet in kunnen vallen. Ook is er een ruime keuze in winkels aan roosters voor de regenpijpen te vinden.
  • Zorg voor beschutting en schaduw, bijvoorbeeld met een pallet waar kuikens onder kunnen kruipen bij gevaar of hitte.
  • Zet bij langdurige hitte een ondiepe bak water neer, zodat de jongen kunnen drinken.

En stop niet bij je dak. Ook de rest van je terrein telt mee. Een haagje of ander groen biedt kuikens beschutting als ze op de grond lopen, terwijl de scholekster voor voedsel juist blij wordt van een stukje kortgemaaid gras. Daar vindt de soort regenwormen, een belangrijke voedselbron voor de kuikens. ‘Het belangrijkste is uiteindelijk variatie, zodat er voldoende voedsel- en schuilmogelijkheden zijn in de directe omgeving’, zegt Roos.

Zie je een broedende scholekster? Meld ’m dan via Scholekster op het dak. Ook waarnemingen van eieren en jongen zijn waardevol voor onderzoek. Op Scholeksterophetdak.nl kun je je waarneming doorgeven en vind je tips voor als er een paartje op jouw bedrijfsdak broedt.

 

Scholekster en jonkie op een sedumdak

Livestream van de scholekster op je (bedrijfsdak)?

Wil je bijdragen aan het onderzoek van Vogelbescherming naar scholeksters op daken en heb je een paartje scholeksters op je (bedrijfs)dak, stuur dan een mailtje naar Roos.deVries@vogelbescherming.nl. En wie weet hebben jullie komend broedseizoen een livestream met kuikens!

 

Dus hoor je binnenkort te-piet, te-piet op weg naar je werk? Kijk eens omhoog. Misschien zit jouw nieuwe collega wel op het dak.

Deel deze pagina