Praktijk

Zeventien jaar eigenwijs en duurzaam vooruitdenken bij Hitachi in Zaltbommel

Werklandschappen van de Toekomst 19 mei 2026

Op veel bedrijventerreinen ziet het beeld er hetzelfde uit: grote grijze panden, en vooral focus op functionaliteit. Maar wie het terrein van Hitachi Vantara in Zaltbommel oprijdt, ziet direct dat het hier anders is. Rondom het pand groeien bomen en struiken, vogelhuisjes hangen aan de gevel, op het dak liggen duizenden zonnepanelen en er zijn zelfs parkeerplaatsen bovenop het gebouw. Hitachi Vantara is een groene voorloper en onderdeel van Living Lab De Wildeman.

Wat Hitachi volgens Rob kenmerkt, is dat duurzaamheid hier nooit alleen een praktische keuze was, maar een overtuiging. Als Facility Manager bouwt hij voort op de duurzame basis die zijn voorgangers eerder hebben gelegd. ‘We wilden ons onderscheiden van concurrenten,’ zegt hij. ‘Niet alleen met onze producten, maar ook met hoe we ondernemen.’

Terwijl hij rondkijkt over het terrein, straalt de trots ervan af. ‘Als je hier rondloopt, zie je blije en tevreden medewerkers. Iedereen weet wat de filosofie achter dit pand is.’ Daar neemt hij bezoekers ook in graag in mee. Klanten en partners krijgen regelmatig een rondleiding langs alle duurzame oplossingen. ‘Dan zien ze dat er echt over nagedacht is.’

Tekst: Suzanne Dijk
Fotografie: Bram Wickel

Voor gek verklaard

Die duurzame koers begon zo’n zeventien jaar geleden, bij de ontwikkeling van het pand. Toen koos Hitachi bewust voor een andere aanpak dan in die tijd misschien ‘gebruikelijk’ was, vertelt Rob.

Waar veel bedrijven destijds nog standaard bouwden met staal, gas en traditionele installaties, koos het bedrijf voor een betonnen gebouw met warmte-koudeopslag (WKO), vloerverwarming en later zonnepanelen. ‘Wij wilden toen al van het gas af,’ zegt Rob. ‘Iedereen verklaarde ons voor gek. Gas was goedkoop en logisch. Maar wij geloofden dat de toekomst anders zou zijn.’

Die keuzes vroegen om forse investeringen. Zo werd bewust gekozen voor een zwaardere betonconstructie. Dat betekende jarenlang hogere leasekosten — ongeveer € 100.000 extra per jaar — maar zorgde er ook voor dat warmte en kou veel beter in het gebouw behouden blijven. ‘Na vijftien jaar valt die investering weg,’ legt Rob uit. ‘Maar de voordelen merken we nu al dagelijks.’

Ook op andere plekken in het pand werd vooruitgedacht. Zo wordt regenwater gebruikt om de toiletten door te spoelen: een relatief simpele oplossing met grote impact op het waterverbruik.

Daar bovenop kwamen 6.200 zonnepanelen op het dak. Destijds een investering van ongeveer € 1,9 miljoen, maar inmiddels vormen ze het hart van de energievoorziening van het gebouw. ‘Daarmee maakten we het pand energieneutraal,’ vertelt Rob trots.

Iets terugdoen voor de natuur

Maar duurzaamheid ging voor Hitachi verder dan energie besparen alleen. Bij de bouw werd ook gekeken naar de impact op de omgeving. Rob wijst naar het terrein rondom het pand. ‘We kwamen hier op een groot groen grasveld terecht. En ineens zet je daar vier of vijf voetbalvelden beton neer. We “pikten” een stukje natuur weg, en daar vonden we van dat er iets voor moest terugkomen.’

Ze voegden daad bij woord: er kwam ruimte voor biodiversiteit. Inmiddels hangen er meer dan zestig vogelhuisjes aan het gebouw, zijn er zwaluwnesten, egelplekken, vleermuiskasten en zelfs een valkentoren geplaatst. Rondom het pand groeien bomen, struiken en bloemen die passen bij de omgeving.

‘We hebben ons goed laten adviseren over inheemse planten,’ zegt Rob. ‘Je kunt wel iets neerzetten dat er mooi uitziet, maar het moet ook écht iets toevoegen voor dieren en insecten.’ Bovendien heeft zo’n groene omgeving ook effect op de mensen die er werken. ‘De natuur rondom het pand werkt rustgevend en inspirerend. Als je even naar buiten kijkt en de ruimte voelt, ontstaan ideeën vaak vanzelf.’

Goed voor de portemonnee

En die ideeën? Die zijn er genoeg. Momenteel werkt Rob aan extra sedumdaken, batterijopslag voor zonne-energie en een slim koelsysteem op basis van PCM-technologie: materiaal dat koude opslaat en gebouwen met veel minder energie kan koelen.

Dat laatste is een Nederlandse uitvinding waar hij enthousiast over vertelt. Terwijl hij een PCM-plaat laat zien, legt hij uit hoe groot het verschil is. ‘Een traditionele koelinstallatie van dezelfde capaciteit gebruikt ongeveer tien keer zoveel energie.’

De cijfers maken dat verschil concreet. De PCM-installatie verbruikt ongeveer 24 kWh, waar een traditionele installatie rond de 240 kWh nodig heeft. Bij een energieprijs van € 0,17 per kWh komt dat neer op ongeveer € 35.700 aan jaarlijkse kosten voor PCM-koeling, tegenover ruim € 357.000 voor traditionele koeling. Zelfs wanneer beide systemen gemiddeld maar op veertig procent van hun vermogen draaien, blijft het verschil enorm: circa € 14.300 tegenover bijna € 143.000 per jaar.

‘Dat laat zien dat vergroenen niet alleen goed is voor de wereld om ons heen,’ zegt Rob, ‘maar uiteindelijk ook gewoon voor de portemonnee.’

Zelf de materie induiken

Leuk detail: Rob is van origine slager. Toen hij begon met werken bij Hitachi had helemaal geen achtergrond in verduurzaming. Toch ontdekte hij in de loop der jaren dat juist dát hem ligt: zich vastbijten in nieuwe materie.

Hij leunt even achterover terwijl hij het vertelt. ‘Ik weet het nog goed,’ zegt hij. ‘De vice-president vroeg of ik kon onderzoeken hoe we het beste kunnen vergroenen. Daar zat een duidelijke opdracht achter. Niet simpelweg een adviseur bellen en het uitbesteden, maar zélf uitzoeken hoe het zat. Zijn visie was: als je het echt begrijpt en voelt, dan kun je pas stappen maken.’

Voor Rob is duurzaamheid uiteindelijk meer dan techniek, cijfers of investeringen. Het gaat ook over verantwoordelijkheid. ‘Ik doe het niet voor mijzelf’, besluit hij, ‘maar vooral voor mijn kleinkinderen.’

Deel deze pagina